Wat is een blauwe maan? Uitleg van de twee definities

Een blauwe maan is een extra volle maan die in een bepaalde periode voorkomt bovenop het gebruikelijke aantal. De maan is daarbij niet écht blauw van kleur. De term slaat puur op het zeldzame, extra karakter van die volle maan. Er bestaan zelfs twee verschillende definities van wat een blauwe maan precies is, en die leiden tot verwarring.

Wat is een blauwe maan: de twee definities

De bekendste definitie is de kalendermaand-definitie: een blauwe maan is de tweede volle maan binnen dezelfde kalendermaand. Omdat een maancyclus gemiddeld 29,5 dagen duurt en de meeste maanden 30 of 31 dagen tellen, past er af en toe een tweede volle maan in één maand. Dat gebeurt gemiddeld eens in de twee tot drie jaar.

De oudere en astronomisch correctere definitie gaat niet over kalendermaanden, maar over seizoenen. Een astronomisch seizoen duurt normaal drie maanden en bevat drie volle manen. Soms valt er een vierde volle maan in één seizoen. In dat geval wordt de derde volle maan van dat seizoen de blauwe maan genoemd, niet de vierde. Dat klinkt tegenstrijdig, maar er is een reden voor: vroeger kregen volle manen in een seizoen elk een vaste naam. Een extra volle maan verstoorde die naamgeving, en de derde maan kreeg dan de naam “blue moon” om de telling weer kloppend te maken.

Waarom is de maan niet echt blauw?

Bij een blauwe maan verandert er niets aan het uiterlijk van de maan. Ze ziet er net zo uit als elke andere volle maan. De maan kan wél letterlijk blauw of paars lijken na grote bosbranden of vulkaanuitbarstingen, omdat fijne deeltjes in de atmosfeer het licht verstrooien. Maar dat heeft niets te maken met de astronomische betekenis van de term.

De uitdrukking “once in a blue moon” (eens in de zoveel tijd) verwijst dan ook naar iets zeldzaams. Dat past goed bij hoe vaak een blauwe maan voorkomt: gemiddeld eens in de twee à drie jaar, afhankelijk van welke definitie je hanteert.

Hoe vaak komt een blauwe maan voor?

Met de kalendermaand-definitie telt het jaar gemiddeld twaalf volledige maancycli, met een overschot van ongeveer elf dagen. Dat overschot stapelt zich op en leidt elke twee tot drie jaar tot een maand met twee volle manen. Februari is de enige maand die nooit een blauwe maan kan bevatten: die telt maximaal 29 dagen, korter dan een maancyclus van 29,5 dagen.

Met de seizoensdefinitie geldt hetzelfde ritme van twee tot drie jaar, maar de momenten vallen soms op andere data dan bij de kalendervariant. Het kan dus voorkomen dat in hetzelfde jaar beide soorten blauwe maan plaatsvinden, of dat er een paar jaar geen enkele is.

Welke definitie is de “juiste”?

De seizoensdefinitie is de originele. Ze stamt uit oude boerenkalenders en werd in 1937 beschreven in het tijdschrift Maine Farmers’ Almanac. De kalendermaand-definitie ontstond later, na een misinterpretatie van die oude tekst in 1946 in het tijdschrift Sky & Telescope. Die “fout” sloeg zo aan dat de kalendervariant inmiddels de populairste definitie is geworden, ook in populaire cultuur en nieuwsberichten.

Geen van beide definities is officieel of wetenschappelijk bindend. Ze zijn allebei in gebruik, en in de praktijk zie je ze door elkaar gebruikt worden. Als je een bericht leest over een aankomende blauwe maan, is het goed om te checken welke definitie wordt bedoeld.

Een blauwe maan is dus geen bijzonder hemelgebeuren in de astronomische zin, maar eerder een bijzonderheid in de kalender. Toch maakt het zeldzame karakter van de extra volle maan het de moeite waard om die nacht even naar de lucht te kijken.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *